De ultieme grap die het publiek stil maakt
05 07 07 - 00:00Hun clown wil terug naar de kern, hij kan het gelach van zijn publiek niet meer verdragen. Daarvoor laat hij zich vastbinden aan een paal op een verlaten parkeerplaats.

In hun voorstellingen gebruiken Deuten en de Goeij graag archetypes in extreme situaties. Hun nieuwe stuk ‘Schmiere’ ging in première op Over het IJ festival in Amsterdam.
Een clown op zoek naar de stilte, het thema van ‘Schmiere’. Hij vindt uiteindelijk geen stilte op de parkeerplaats waar hij zich liet vastketenen maar dagjesmensen, want een clown blijft een attractie. Zoveel is duidelijk. Gienke Deuten en Bram de Goeij brainstormen over hun concept.
Het is moeilijk om ‘de clown’ te duiden. De regieopleiding die ze allebei volgden, leerde hen dat je alleen maar je vingers kon branden aan dit theaterpersonage. “Er hangt zoveel aan, iedereen heeft er een mening over,” zegt Bram. “Mensen vinden het eng, krijgen Bassie-associaties.” Gienke: “Hij roept weerzin op, ook bij onszelf.
Op de opleiding wordt clownerie ondergewaardeerd, maar om dat te compenseren, verheft men het tegelijkertijd tot hoogste kunstvorm. Heel ambivalent. Het is een soort oertheater en de clown is het oudste theaterpersonage dat bestaat, een tragische ook. Fellini gebruikt die ook, je ziet hem vaak terugkomen in films en literatuur. In iedere cultuur duikt hij in een bepaalde gedaante op, zoals Chaplin of Jan Klaasen.”
Sapperdeflapreflexen
Ondanks hun eigen ambivalente houding over de clownsfiguur, vinden Gienke en Bram het een sport om geen camp van de voorstelling te maken. Bram: “Hem opvoeren zonder dat het circus wordt, als echt personage, dat is de uitdaging. En hij verzuipt in zijn eigen cliché, dat hebben we hem als zoektocht meegegeven. Hij was goed, maar werd daardoor plat en leeg. Hij wil terug naar de onbevangenheid die hij kwijtraakte.”
Bram vertelt over een clownspruik van de regieopleiding die hij in de kofferbak van zijn auto had liggen. “Ik was een keer met vrienden, zet die pruik achter de auto op en draai me om. Staat daar een kind. Het kijkt me verwachtingsvol aan, totdat ik iets ga doen. Dat was zo’n bizarre gebeurtenis. Het kind reageerde op een icoon en dacht: hier gaat wat gebeuren.
Onze clown probeert vanuit stilte tot iets nieuws te komen maar hij krijgt er de kans niet eens voor want, hop, er is weer publiek.” Gienke heeft het over een zoektocht naar zuiverheid. “De persoon door wie hij zich laat vastbinden, ziet hem door zijn daad als een verlosser.
We proberen grote woorden zoals pijn, lijden en verlossing heel concreet te maken. Hij probeert aan die ketting van zijn sapperdeflapreflexen af te komen en de ultieme grap maken die het publiek stil maakt, maar schiet gelijk weer in z’n rol zodra dat publiek komt. Het is als een verslaving. En dat is natuurlijk hartstikke leuk, zo’n clown aan een ketting die ontoerekeningsvatbaar is.
Maar die poging om iets te bereiken, wekt ook ontroering. We proberen inhoud aan een extreme situatie te koppelen. Onze personages uit andere producties hebben ook kenmerken van clowns, zoals onbevangenheid en een open houding naar de wereld toe.
Archetypes
Het theater van Deuten en de Goeij is heel concreet maar vaak gebaseerd op archetypes, zoals het schaap en de wolf in één van hun vorige voorstellingen. Het gaat om personages die een staat van verlichting proberen te bereiken, volledige acceptatie. Hun clown moet eerst een hele lijdensweg doorstaan.
Bram: “Inspiratiebronnen voor ons zijn de personages van Samuel Beckett, ook een soort clownsfiguren. Of Edward Hopper. Op zijn schilderijen zie je soms mensen die in een tussenfase zitten, de pauze van een film. Iemand die uit een raam kijkt tussen acties in, een moment waarop niets gebeurt. Dat is die onbereikbare stilte waar onze personages naar op zoek zijn.” “En berusting, acceptatie,” vult Gienke aan, “die mensen zijn, in dat moment, zonder enige ruis.”
“Onze stukken zijn een combinatie van licht en zwaar, maar zonder de kaalslag van Beckett. Neem de titel ‘De ondraaglijke lichtheid van het bestaan’, die vind ik nog steeds fantastisch, daar zit alles in: in de lichtheid zit de zwaarte en in de zwaarte de lichtheid. Als we daar iets van voelbaar kunnen maken, zijn wij blij.”
Als zij een idee uitwerken, beginnen ze vaak met een beeld. Zoals de clown. “Daar praten we over en proberen het spannende eruit te filteren: wat staat die clown daar te doen en waarom? Zo creëer je een wereld,” vertelt Gienke.
Creativiteit werkt volgens Gienke en Bram heel anders op een festival dan in een theaterzaal. “ Je gaat een dialoog aan met de locatie en dat kenmerkt je voorstelling. En daar komt ook een veel directer contact met je publiek uit voort. We ervaren het als een enorme vrijheid. Het verschilt wel per festival, want op Oerol bijvoorbeeld ben je echt van de wereld afgesloten, maar de mensen zijn heel onbevangen en bereidwillig om geraakt te worden,” volgens Bram. “Het is een cliché dat ze alleen maar bier drinken en leuke dingen willen zien.”
Concept: Bram de Goeij en Gienke Deuten. Spel: Daniel Koopmans, Bram de Goeij en Gienke Deuten. Muziek: Maarten Kastelijns. Eindregie: Sarah Moeremans. Productieleider: Sjoerd Kelderman. Grafische vormgeving: Sgaar (Gerjo van Dam).
Gepubliceerd op TheaterCentraal.nl
Trackback link:Zet Javascript aan om een Trackback URL te genereren