Hoe de mens een algoritme werd

Homo Deus

Met zijn laatste boek Homo Deus schetst historicus Yuval Noah Harari een bij tijd en wijle onheilspellend beeld. Voor Filosofie Magazine vroeg ik hem naar onze toekomst. In tien thema’s.

Wat heeft de toekomst voor ons in petto wanneer we naar de goddelijke status reiken? Want zover is het inmiddels, stelt Yuval Noah Harari in deel twee van zijn meeslepende kroniek van de mensheid. Na de bestseller Homo sapiens, waarin zich de geschiedenis van de wetende mens ontrolde, is het de beurt aan Homo deus. Met dit verhaal over onze scheppingsdrang en waar die toe kan leiden, schetst hij een intrigerend en een bij tijd en wijle verontrustend perspectief. Aan de hand van tien thema’s voorspelt Harari de toekomst. Weliswaar met een slag om de arm, want wie kan er daadwerkelijk in een glazen bol kijken?

De mens

Bedrijven en overheden hebben een enorme rekenkracht en kolossale hoeveelheid data tot hun beschikking. Daardoor kennen ze ons beter dan wijzelf. Vroeger vertrouwden we op ons gevoel of op de aanbeveling van een vriend als we een boek kochten. Nu weet je e-reader door software voor gezichtsherkenning en biometrische sensoren hoe iedere zin je hartslag en bloeddruk beïnvloedt, wanneer je afhaakt en wat je aan het lachen of boos maakt. Gebruik je een Kindle, dan weet Amazon met griezelige precisie hoe bij jou op de juiste emotieknoppen te drukken. Boeken lezen jou terwijl jij hen leest!

Algoritmen voorspellen met deze data ook welke studie en levenspartner ons past en waar we het beste een kruisje kunnen zetten op het stembiljet bij verkiezingen. Daarmee bleek het zelf een verzameling algoritmen zonder vaste kern. En daarvan maken we gebruik bij belangrijke beslissingen in ons leven, want dit draaiboek begrijpt onze verlangens beter dan wijzelf en maakt juistere keuzes. De vrije wil is een illusie uit het verleden, omdat de algoritmen waaruit de mens bestaat niet vrij zijn.

Het bewustzijn

Voorheen dachten we dat hoge intelligentie altijd samengaat met bewustzijn, het vermogen om pijn, vreugde, liefde en woede te ervaren. Sciencefictionfims speelden daarop in met hun ‘voelende’ supercomputers die de mens overtroffen. Zoogdieren lossen nu eenmaal op gevoel hun problemen op. Maar we zijn niet de baas van de wereld geworden door complexere emoties. Onze belevingswereld is mogelijk zelfs ondergeschikt aan die van dieren. Filosoof Thomas Nagel wees er in 1974 al op dat het sapiensbrein de subjectieve wereld van een vleermuis niet kan doorgronden. Wel ontdekten we een eindeloze schakering aan gemoedstoestanden die we nooit konden ervaren omdat we er de zintuigen niet voor hadden.

Nu lukt dat wel met elektronische helmen, genetische modificatie en rechtstreeks contact tussen hersenen en computers. Zo reist de mens naar de andere kant van zijn geestelijke wereld. Onze uitmuntende intelligentie maakte dat we de enigen waren die konden schaken, autorijden en ziekten diagnosticeren. Maar nu zijn niet-bewuste algoritmen daar beter in dan wij, omdat ze voor ons onzichtbare patronen herkennen. Verschillende wegen leiden tot hyperintelligentie, waarvan slechts enkele via het bewustzijn. Onze evolutie liep langs zo’n route, maar anorganische computers omzeilden die en ontwikkelden zich veel sneller.

Het leven

Vier miljard jaar heersten de wetten van de natuurlijke selectie. Of je nu een virus was of een dinosaurus, je evolueerde volgens die principes. Het menselijk lichaam veranderde van amoebe naar reptiel en zoogdier tot Homo sapiens. En dat door steeds relatief kleine veranderingen in onze genen. Maar ongeacht welke bizarre vormen leven ook aannam, het bleef beperkt tot het organische rijk. Biowetenschappers hebben niet geduldig afgewacht tot de natuurlijke selectie haar magische werk deed.

Ze schaafden aan genetische codes, richtten de hersencircuits anders in en veranderden de biochemische balans. De wetenschap verving natuurlijke selectie door intelligent design en creëerde niet-biologische levensvormen. Vier miljard jaar zaten we vast op dit futiele planeetje, omdat natuurlijke selectie alle organismen afhankelijk maakte van de unieke situatie hier. Zelfs de hardnekkigste bacterie overleefde niet op Mars. Maar onze ontsnapping aan de biologische wereld zorgde voor een ruimere leefomgeving. Anorganische entiteiten hebben inmiddels andere planeten gekoloniseerd en zo een galactisch rijk gesticht.

De dood

De dood werd door de geschiedenis heen gezien als een metafysisch fenomeen. We stierven omdat God, de kosmos of moeder natuur het zo wilde. Dus geloofden we dat alleen een metafysische ingreep zoals Christus wederkomst de dood kon verslaan. De wetenschap herdefinieerde haar echter als een technisch probleem met dito oplossing. Want overlijden werd veroorzaakt door het hart dat geen bloed meer rondpompt vanwege een verstopte slagader of kankercellen die zich verspreidden in de lever. Was de dood de specialiteit van priesters en theologen, nu is ze het terrein van een stel nerds. De strijd tegen honger en ziekte werd er een tegen ouderdom en de dood.

Die krachtmetingen toonden dat het menselijk leven het heiligste was dat bestond in het universum. De Universele Verklaring van de Rechten van de Mens, een soort mondiale grondwet, stelde dat het recht op leven de meest fundamentele waarde van de mens is. De dood taste dit recht aan en maakte een nietsontziende oorlog ertegen noodzakelijk. Google nam denker-futurist Ray Kurzweil en neurowetenschapper Bill Maris in dienst. Zij droegen bij aan het onderzoek naar levensverlenging. Nu de mensheid het beestachtige niveau van de overlevingsstrijd is ontstegen, hebben we onszelf opgewaardeerd tot goden. Homo sapiens werd Homo deus.

Religie

Een religieuze wind waait niet vanuit het Midden-Oosten, maar komt uit Silicon Valley. De hightechgoeroes van Google, Apple en Facebook produceerden meer dan apparaten en algoritmen. Ze creëerden de nieuwste golf universele religies. Deze technoreligies beloven alle oude, vertrouwde voordelen als geluk, rechtvaardigheid, welvaart en het eeuwige leven. Maar wel hier op aarde en zonder hulp van bovennatuurlijke creaturen. Er zijn twee stromingen: technohumanisme en datageloof. Volgens die laatste hebben we onze kosmische taak volbracht en dienen we het stokje door te geven aan nieuwe entiteiten. Zoals velen ooit beweerden dat God niet bestond en de mens zelf heilig was, zo zien dataïsten het Internet der Dingen als sacraal.

Aan dit immense dataverwerkingssysteem dienen alles en iedereen gekoppeld te worden. Ook ketters die er niet van willen weten. Dataïsme is dus behept met zendingsdrang en kent net als andere religies geboden. Het belangrijkste luidt dat de dataïst zo veel mogelijk informatie moet produceren en consumeren. Daarvoor verbindt hij zich met een maximale hoeveelheid media. Deze verschuiving van het homocentrische naar het datacentrische wereldbeeld lijkt een filosofische revolutie op gang te brengen. Niet zonder gevaar. Zoals homo Sapiens zichzelf centraal stelde en het dierenrijk aan zich onderwierp, zo dreigt het dataïsme de mens op een zijspoor te zetten. We bekleden dan niet meer de belangrijkste functies binnen een wereldwijd netwerk en hebben afgedaan als kroon der schepping.

Economie

Omdat we ideologisch zo gehecht zijn aan het menselijk leven, wilden we de dood nooit zomaar accepteren. Hetzelfde geldt voor lichaamsgebreken en het verouderingsproces. De kapitalistische economie vaart daar wel bij. Klanten in overvloed hebben er alles voor over, wat een vrijwel grenzeloze markt in stand houdt. En welke markt is veelbelovender dan die van de eeuwige jeugd? Onze opwaardering tot god gaf vele mogelijkheden. Liep de uitbreiding van menselijke vermogens voorheen via externe werktuigen, nu worden die geïntegreerd in ons lichaam.

Met een directe koppeling tussen hersenen en computer namen cyborgtechnieken een vlucht. Het lijf wordt opgetuigd met kunstogen of bionische handen. Minuscule nanorobots bewegen zich door onze bloedbaan om problemen op te sporen en beschadigingen te herstellen. En zo schiep Homo deus ook echte cyborgs, entiteiten die biologische onderdelen combineren met niet-biologische. Dat maakt organen, hersenen en geest tot belangrijke economische producten.

Autoriteit

Uiteindelijk zal de mens economisch waardeloos en politiek machteloos worden. Het ziet ernaar uit dat hij na duizenden jaren de heerschappij moet overdragen aan kunstmatige intelligentie. Net zoals de negentiende-eeuwse industriële revolutie een stedelijke arbeidersklasse creëerde, zo ontstaat er nu een nutteloze klasse. Veel mensen zijn niet alleen werkeloos, ze zijn überhaupt niet inzetbaar. Dit gebeurde eerder al in het leger. De krijgsmacht draaide op de rekrutering van miljoenen gewone soldaten. Tegenwoordig voldoet een klein aantal professionals. Deze elite wordt ondersteund door onder meer drones, robots, cyberwormen gebaseerd op geavanceerde algoritmen.

Technologische ontwikkelingen ondermijnen de liberale filosofie die de ultieme autoriteit bij de mens legt. Het liberalisme was ook geen succes vanwege de beste filosofische argumenten. Het werd de dominante ideologie omdat het politiek, economisch en militair voor de hand lag om ieder mens waardevol te noemen. Ieder paar handen dat een geweer kon vasthouden, een product aanschafte of een stem uitbracht was er één. Op collectief niveau blijft de mens nog wel even bruikbaar, maar niet het individu dat immers ook geen vrije wil bleek te hebben. Wanneer het systeem een unieke persoon als belangrijk betitelt, dan zal het om een lid van de nieuwe elite gaan. En die bestaat uit geüpgradede supermensen.

Conflict

Conflictsituaties veranderden wereldwijd langzaam van karakter. Aan het begin van de eenentwintigste eeuw liep je meer kans te overlijden aan teveel voedsel dan aan een oorlog. Zo’n 700.000 mensen stierven jaarlijks door misdaad, terrorisme en strijd. Zwaarlijvigheid en daaraan gerelateerde ziekten maakten drie miljoen slachtoffers per jaar. Vandaar dat multinationals als McDonalds en Coca Cola een grotere bedreiging vormden voor een mensenleven dan terreurgroepen als Al-Qaeda en Islamitische Staat. Grootmachten veranderden het complete internationale systeem, omdat ze conflicten moesten oplossen zonder grote oorlogen.

Een oorlog stond met kernwapens namelijk gelijk aan collectieve zelfmoord. Veel conflicten spelen zich af in delen van de wereld waar rijkdom een overvloed aan materiële grondstoffen betekenden, zoals de olievelden in het Midden-Oosten. Materiële welvaart door graanvelden, goudmijnen en vee lokte oorlogen uit. Het was relatief eenvoudig om deze benodigdheden te veroveren. Vandaag de dag staat rijkdom gelijk aan kennis. Die kun je niet veroveren met een leger. De schatten van Silicon Valley liggen niet besloten in siliconenmijnen, maar in de kennis van ingenieurs en technici.

Terrorisme

Of we terrorisme ooit helemaal kunnen uitbannen, hangt af van onszelf. Het is grotendeels theater. Terroristen voeren een tot onze verbeelding sprekend en angstaanjagend schouwspel van geweld op. Het geeft ons het idee dat we terugglijden in de middeleeuwse chaos. Daarom voelen staten zich verplicht eveneens met een show te reageren, maar dan een van veiligheid. Ze orkestreren machtsvertoon door de invasie van vreemde landen en vervolging van de bevolking aldaar. Meestal een overdreven reactie en een grotere bedreiging voor onze veiligheid dan de terroristen zelf. Zij zijn als een vlieg die probeert een porseleinkast te vernietigen. Die vlieg krijgt nog geen theekopje in beweging. Dat lukt wel als hij zoemend in een stierenoor kruipt, waarop de stier angstig en woedend om zich heen begint te slaan en zo het porselein verwoest.

Dat gebeurde in het Midden-Oosten. Islamitische fundamentalisten hadden Saddam Hoessein nooit kunnen verdrijven. In plaats daarvan voerden ze de 9/11-aanval uit en vervolgens ruïneerde de VS de porseleinkast in het Midden-Oosten voor hen. Hun beweging bloeide op de puinhopen. We houden dit mechanisme in stand als we onze verbeelding laten gijzelen door terroristen en uit angst overdreven reageren. Handelen we beheerst en evenwichtig, dan zullen we terreur overwinnen.

Waarden

Nieuwe waarden duiken in de menselijke geschiedenis slechts zelden op. Tijdens de humanistische revolutie staken preken over menselijke vrijheid, gelijkheid en broederschap de kop op. Maar ondanks legio revoluties en oorlogen hebben we sinds 1789 geen moderne waarden kunnen verzinnen. Tot het dataïsme zijn intrede deed. De nieuwe waarde, vrijheid van informatie, kan de traditionele menselijke vrijheid van meningsuiting inperken. Het recht van vrij rondbewegende informatie prevaleert. Het dataïsme kreeg in 2013 zijn eerste martelaar met de 26-jarige Amerikaanse hacker Aaron Swartz.

Het genie was een vurig pleitbezorger van onbelemmerde informatiestromen. Hij ontsloot een digitale bibliotheek met miljoenen wetenschappelijke artikelen die hij op internet wilde zetten. Toen Swartz gearresteerd werd en hem een gevangenisstraf boven het hoofd hing, pleegde hij zelfmoord. De hackersscene reageerde furieus op de vervolging en schending van vrijheid van informatie. Het betreffende instituut bood zijn excuses aan en heeft inmiddels een groot deel van de bibliotheek vrijgegeven.

 

Meer lezen over de zinvolle draai aan ons leven? Laat je e-mailadres hier achter.

De Israëlische professor Yuval Noah Harari doceert geschiedenis aan de Hebreeuwse Universiteit van Jeruzalem. Zijn boek Sapiens. Een kleine geschiedenis van de mensheid, was een wereldwijde bestseller.

Homo Deus. Een kleine geschiedenis van de toekomst. Yuval Noah Harari (Uitgeverij De Bezige Bij) 444 blz / € 24,99

Eerder gepubliceerd in Filosofie Magazine.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *